Zendamateur

Radiozendamateurs

Radiozendamateurs experimenteren met radiofrequenties om verbindingen te maken met andere zendamateurs over de gehele wereld.
Wilt u gebruik maken van frequentiebanden die bestemd zijn voor radiozendamateurs? Dan heeft u hiervoor geen vergunning nodig.
Wel moet u aan een aantal voorwaarden voldoen. Deze zijn beschreven in de ‘gebruikersbepalingen amateur frequentiegebruik’. Ook moet u beschikken over de vereiste technische kennis. Agentschap Telecom laat deze kennis toetsen door middel van een amateurexamen. Legt u dit met succes af, dan hoeft u zich alleen nog maar aan te melden bij Agentschap Telecom.

Examens

Voordat radiozendamateurs het radiofrequentiespectrum mogen gebruiken, moeten ze een examen afleggen. Het examen toetst twee zaken: de technische kennis en de kennis van regels die gelden bij nationaal en internationaal radioverkeer. U kunt bij verschillende partijen een cursus volgen of examen doen.

Radioroepnaam

Radiozendamateurs gebruiken een radioroepnaam om zich tijdens radioverbindingen te identificeren.
Radioroepnamen bestaan uit twee letters en een cijfer (de prefix; PA t/m PI), gevolgd door minimaal één en maximaal drie letters (de suffix). Radioroepnamen mogen binnen bepaalde grenzen zelf worden gekozen.

Prefix

Bestaat uit 2 letters (PA t/m PI) en een cijfer. Voor de letters geldt:
PA t/m PH voor individuele radiozendamateurs PI voor specifieke experimenten en voor verenigingen, onderwijsinstellingen en overige instellingen die in het kader van de ontwikkeling van de radiowetenschap experimenteren op de amateurbanden

Voor het cijfer geldt:
0 t/m 5 en 7 t/m 9 voor individuele radiozendamateurs
4 voor verenigingen van radiozendamateurs
5 voor onderwijsinstellingen.

Suffix

Bestaat uit minimaal één en maximaal drie letters. De volgende combinaties worden niet uitgegeven: SOS de lettercombinaties QOA t/m QUZ.